maandag 31 oktober 2011

Regenpak.


Het is buiten prachtig weer en aangezien Niels op school de kapstok heeft gekopt, laat ik hem niet naar de judotraining gaan. Dan moet je telkens op de grond vallen en mensen vallen over je heen en doen rare worpen waarbij ze aan je nek hangen etc. Zag ik niet zo zitten, straks heeft hij een hersenschudding. Maar om nu binnen te gaan zitten, vond ik ook maar zonde van het mooie herfstweer. Na school zijn we dus naar een recreatiegebied in de buurt gereden. Kunnen de kinderen lekker rennen en dollen en zodoende de laatste restjes energie kwijt. Zitten ze ’s avonds uitgeput aan tafel. Blijft er meer eten over voor mamma en kunnen ze op tijd onder de douche en naar bed. (Grapje hoor van dat eten.) Tijdens het laatste kabouterpad op school was 1 van de vragen, waarom er allemaal dode en omgevallen bomen in het bos lagen. Die lagen hier ook, dus ik ging jongste zoon even testen. Wij hebben het idee dat jongste zoon alleen maar bezig is om een jongen te zijn met alle kattenkwaad die daarbij hoort en dat hij niet zo goed oplet op school. Zijn doordachte antwoord luidde: “Het is heel slecht weer geweest en de boswachter had vast geen laarzen en geen regenpak. Kon hij dus niets opruimen. En daarom ligt bij ons thuis nog al het speelgoed in de tuin, want ik heb ook geen laarzen meer.” Tja, dit was niet helemaal het antwoord wat ze op school hadden gehoord, maar ik vond hem wel leuk. En ik weet ook hoe ik mijn kinderen zo ver kan krijgen om hun kamers op te ruimen; ik geef ze alle drie een paar laarzen cadeau. 


vrijdag 28 oktober 2011

Columnist.


Lege bladzijde. Grote lege bladzijde. Wit. Hmmm, wat doe ik hier en waarom wil ik dit? Eigenlijk wil ik het ook niet, maar I give it a go! (Ik weet dat het fout is mensen) Wat geef ik een Go? De afgelopen jaren roepen de mensen om me heen dat ik moet gaan schrijven. En dan dacht ik altijd dat doe ik toch al, ik schrijf verhalen voor jullie en dan kunnen jullie lezen. En reageren. Over hoe leuk het was, of hoe slecht, of hoe verdrietig etc etc. Maar deze laatste weken beginnen opeens ook andere mensen, buitenstaanders te roepen dat ik moet gaan schrijven. Ja, duh! Dat doe ik nog steeds. Ik heb mijn lezersgroep alleen uitgebreid zodat jullie ook kunnen lezen en kunnen zeggen hoe slecht iets was. Of hoe goed. Goed, ik zou nu columnist kunnen worden. Leuk, voor heel veel mensen, maar niet voor mij. Want ik schrijf namelijk alleen als er een verhaal in mijn hoofd zit. Dat verhaal moet er dan uit, want anders heb ik subiet hoofdpijn. Erg vervelend hoofdpijn. De meeste mensen nemen dan een pilletje, ik ga schrijven. Ik schrijf mijn hoofd leeg. En dat doe ik voor mezelf. Zuiver en alleen voor mezelf. En een beetje voor mijn gezinsleden, want ik kan heel chagrijnig zijn als ik hoofdpijn heb. Dan ben ik nog erger niet te genieten als normaal. Ik schrijf dus niet in opdracht, en al helemaal niet onder druk. Druk van een contract of druk van een datum. Voor Die en Die datum moet je nieuwe column op de redactie liggen. Help! Nagelbijt, nagelbijt. Maar als je iets niet probeert kun je er niets over zeggen. En om nu bij voorbaat al te zeggen dat ik geen columns kan schrijven, zonder dat ik dat geprobeerd heb, dat is een beetje tegen mijn natuur.  Maar nu zat ik dus anderhalf uur tegen een wit blad aan te kijken. Blad keek terug, maar er verschenen geen letters, laat staat een verhaal. Ondertussen was ik de krant aan het lezen, nieuws via het internet aan het bekijken, een rondje door mijn huis aan het lopen, maar er kwam geen verhaal in mijn hoofd. Hoofdpijn kreeg ik wel. Ik weet nu dus 1 ding zeker: ik kan niet onder druk schrijven. Het lukt, of het lukt niet. En als het niet lukt, erg jammer dan. Maar dan heb je een contract en dan ben je columnist en dan moet je wel. Je moet iets inleveren. En dus ga je een nietszeggende tekst typen over een leeg blad en dat je een rondje door je huis hebt gelopen en de krant hebt gelezen en dat het zo jammer is, als abonnees hun maandblad in huis krijgen na 160 urige werkmaand en dan is er zomaar een lege bladzijde in hun favoriete blad, omdat ik geen inspiratie had. Dat kan dus niet. Kom daar maar eens mee aan. De eerste maand kun je het nog gooien op een kapotte drukpers, of een verkeerde verschuiving van tekstvlakken, maar de tweede maand trapt niemand daar meer in. Nee, ik blijf gewoon mezelf. En ik schrijf als ik dat wil, zonder tijdsdruk en zonder dubbele agenda’s. Ik schrijf alleen over onderwerpen die mij bezighouden en niet over de onderwerpen die politiek correct zijn. Sorry mensen, maar ik blijf zitten waar ik zit. Achter mijn eigen bureau, met mijn kinderen om me heen en ik blijf jullie tot in lengte van dagen vervelen met mijn hersenspinsels. Columnist. Wel een mooi woord trouwens. Maar mijn eretitel blijft mamma. Ik ben gewoon mamma. En daar ben ik heel tevreden mee.

donderdag 27 oktober 2011

Flitsscheidingen.


Ik heb een hernieuwde kennismaking gemaakt met facebook. Met mensen die positief zijn. Althans die inschatting heb ik gemaakt op basis van de gesprekken die ik met ze voer. Dagelijks of wekelijks. Echte gesprekken voer ik dus ook met ze. En daar is bij mij de grens gelegd. Ik accepteer alleen mensen op f.b. als ik ze wel eens spreek. Nu heb ik ook mijn echtgenoot maar uitgenodigd. Die spreek ik weliswaar zelden, maar toch, kunnen we weer vrolijk verder communiceren via facebook. Gezellig. Samen op de bank. Naast elkaar. Kan de rest van de wereld weer meegenieten van onze conversaties over deuren die in het slot zijn gevallen en kookplaten die op het kinderslot staan en mamma die de plaat vervolgens niet meer ontgrendeld krijgt. Evenals de deur dus. En als pappa dan niet reageert, reageren alle andere mensen wel. Nu denkt u met zijn alleen dat ik u voor de gek houd, nou, ten dele doe ik dat ook wel. Maar ten dele dus ook niet. Meestal zit hij op de bank en ik achter mijn nieuwe bureau. Maar terugkomend op het uitnodigen van echtgenoot, ik had dus een gewijzigde burgerlijke staat. Ik was nu getrouwd. Nu zijn we dat al 12 jaar, maar volgens f.b. dus sinds een dag. Echtgenoot kreeg in zijn inbox de mededeling dat ik met hem getrouwd was, en of dat wel klopte. Eega bevestigde het verhaal. Gelukkig maar. “daar komen die flitsscheidingen vandaan” zei hij vanmorgen van achter de krant. ‘Hu’? Deed ik. ‘Wat lees je nu weer voor artikel’? “Nee, als ik je nu niet had geaccepteerd als mijn vrouw; als ik nu had gezegd dat het niet klopte, dan zouden we dus opeens gescheiden zijn. Dat noemen ze flitsscheidingen tegenwoordig.”Ja, mensen let maar op. Zo snel kan het gaan. Gewoon een account aanmaken op Facebook en voor je het weet ben je gescheiden. Scheelt wel weer een enorme berg aan advocaten. Kun je een klusjesman laten komen voor de deur en de kookplaat en voor je het weet heb je weer een gewijzigde burgerlijke staat. Waar de nieuwe media allemaal niet goed voor is.