dinsdag 22 november 2016

Rune en zijn zoektocht naar buitenaards leven.

 ‘Mam, is er buitenaards leven op de maan?’ ‘Nee, dat denk ik niet, maar zeker weten doe ik het niet. Misschien ergens anders in het heelal wel, want het heelal is onmetelijk groot, er worden nog steeds nieuwe sterrenstelsels ontdekt en vanaf de aarde kunnen we steeds een stukje verder kijken.’ ‘Dus is er ergens anders buitenaards leven?’ ‘Dat weet ik ook niet, maar de kans bestaat dat er ergens anders ook een planeet is waar mensen een ozonlaag hebben en water. Volgens mij zijn dat de belangrijkste bronnen voor levensvormen.’ ‘Mooi! Ik ga die planeet zoeken!’

Nu nam mamma dat niet helemaal serieus, want de tijdmachine was ontmanteld en als oud hout naar de gemeentewerf gebracht, maar mamma kent haar kinderen na al die jaren toch echt nog niet! Als ze boven de bedden gaat opmaken, loopt Rune naar buiten. Hij kijkt om zich heen en er verschijnt een grote lach op zijn gezicht. Hij begint heen en weer te lopen tussen de schuur, de tuin en de woonkamer. Als mamma even later weer beneden is, ziet ze daar een grote chaos. Bossen touw, pvc pijpen, trekveren, toetsenborden, videocamera’s, bakken met schroeven, bossen kabel. Alles ligt op 1 grote hoop. Rune ziet mamma verschrikt om zich heen kijken. ‘Ja, u denkt nu natuurlijk; wat een bende, maar dit zijn uitvindingen! Ik moet ze alleen nog even uitvinden.’

Mamma mompelt ‘koffie’ en loopt de keuken in. ‘Als je net denkt dat je alles wel meegemaakt hebt in dit gezin’, en mamma mompelt verder. ‘Koffie.’ Ze mompelt vooral veel over koffie. Rune blijft even naar mamma staan te kijken, maar schudt dan zijn hoofd, ‘misschien wonen er hier wel gewoon buitenaardse mensen.’

Rune begint de spullen naar buiten te slepen, omdat het al aan het schemeren is en mamma zo nachtblind is als een mol zonder bril, ziet ze niet zo goed wat er gebeurt. ‘Geeft niets hoor mam, dan wordt u morgen wakker en dan ziet u een verrassing.’ Mamma begint weer te mompelen, ‘over dat ze niet van verrassingen houdt, dat ze inmiddels de verrassingen een beetje beu is.’ En ze neemt nog een kop koffie. Daar moeten we het toch eens met mamma over hebben. Ze is verslaafd aan koffie, maar nu eerst mijn uitvinding.

Rune is tot het avondeten aan het timmeren en zagen, na het avondeten zet hij een muts op zijn hoofd en verder gaat hij weer. Tot ver na bedtijd is hij bezig. Eindelijk, rond tien uur komt hij binnen. ‘Klaar! Mijn uitvinding is klaar en morgen ga ik buitenaards leven ontdekken. Als ik ze ontdek, mogen ze dan een keer komen logeren?’ ‘Tuurlijk, mag dat’ zegt mamma. ‘Hier kan toch altijd alles!’ ‘Dank u wel! Ik wist het wel, zullen het aardige mensen zijn? Als het geen aardige mensen zijn, moeten ze maar in de tuin slapen. Misschien kan ik ze ook wel een keer meenemen naar school. Dat mag wel van Meester R. toch?’ ‘Ja, jongen, neem jij vooral buitenaards leven mee naar school. Zullen ze tof vinden voor een IPC project.’  

Het sarcasme van zijn moeder ontgaat Rune volledig.  Gelukkig maar, want hij is vol van zijn onderzoek en uitvindingen.  Nadat hij naar bed is gegaan, tuurt mamma uit het raam, in de hoop iets te ontwaren van een of ander bouwwerk, maar ze ziet zoals iedere avond, alleen haar eigen spiegeling in het raam.


Wordt vervolgd…


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen